De kans is groot dat Nederland vanaf de komende jaarwisseling te maken krijgt met een landelijk vuurwerkverbod.

Toch is het nog te vroeg om te spreken van een definitieve beslissing. Achter de schermen moeten namelijk nog meerdere voorwaarden worden ingevuld voordat het verbod daadwerkelijk kan ingaan.
Politiek, handhaving, vergunningen en compensatie voor de vuurwerkbranche spelen daarbij allemaal een rol.
Het onderwerp zorgt opnieuw voor felle discussies in de samenleving. Voorstanders wijzen op veiligheid, gezondheid en dierenwelzijn, terwijl tegenstanders vrezen voor betutteling, illegale handel en het verdwijnen van een oude traditie.
Wat is de huidige stand van zaken en waar hangt de uiteindelijke beslissing van af?
Handhavingsplan is cruciale voorwaarde
Een van de belangrijkste voorwaarden voor een landelijk vuurwerkverbod is een concreet handhavingsplan.
Zonder duidelijke afspraken over controle en toezicht ziet de politiek weinig heil in nieuwe regels. Het demissionaire kabinet stuurde daarom een uitgebreid document naar de Tweede Kamer waarin staat hoe gemeenten het verbod zouden kunnen handhaven.
Dat plan telt meer dan vijftig pagina’s en beschrijft onder meer hoe lokale overheden toezicht kunnen houden op consumenten die zich niet aan het verbod houden. Ook wordt uitgelegd hoe illegale invoer, opslag en handel van vuurwerk aangepakt moeten worden. Daarbij wordt gekeken naar samenwerking tussen gemeenten, politie en het Openbaar Ministerie.
Toch is het handhavingsplan geen vaststaand document. Volgens het Ministerie van Justitie en Veiligheid gaat het nadrukkelijk om een handreiking.
De zogeheten lokale driehoek bepaalt uiteindelijk zelf hoe streng en op welke manier wordt gehandhaafd. Gemeenten krijgen daarmee veel vrijheid, maar dat roept ook vragen op over verschillen tussen regio’s.
Politieke beoordeling nog niet afgerond
Hoewel het plan inmiddels bij de Tweede Kamer ligt, is er nog geen definitief oordeel geveld. Kamerleden kunnen ervoor kiezen om aanvullende vragen te stellen, een debat aan te vragen of het document simpelweg voor kennisgeving aan te nemen.
Pas daarna kan een volgende stap worden gezet richting invoering van het vuurwerkverbod.
Dat politieke proces kost tijd. Zeker omdat het kabinet demissionair is, wordt voorzichtig omgegaan met ingrijpende besluiten.
Tegelijkertijd groeit de druk vanuit zorginstanties, gemeenten en hulpdiensten om knopen door te hakken voordat de volgende jaarwisseling nadert.
Vergunningen voor gecontroleerd vuurwerk
Een tweede belangrijke pijler onder het mogelijke vuurwerkverbod is het invoeren van vergunningen. Het idee is dat niet al het vuurwerk volledig verdwijnt, maar dat bepaalde organisaties onder strikte voorwaarden wel vuurwerk mogen afsteken.
Burgemeesters zouden de bevoegdheid krijgen om vergunningen te verlenen aan verenigingen of stichtingen. Denk aan buurtinitiatieven, evenementenorganisaties of lokale clubs.
Zij mogen volgens het huidige voorstel maximaal tweehonderd kilo F2-vuurwerk gebruiken. Daaronder vallen onder andere compoundboxen, fonteinen en grondbloemen.
Het afsteken mag alleen plaatsvinden op vooraf aangewezen locaties die goed bereikbaar zijn voor hulpdiensten.
Daarnaast moeten er één of twee volwassen toezichthouders aanwezig zijn. Degene die het vuurwerk ontsteekt moet minimaal zestien jaar oud zijn. Alcohol en drugs zijn strikt verboden en het dragen van een vuurwerkbril is verplicht.
Voorwaarden nog niet definitief
Ook dit vergunningensysteem staat nog niet vast. In de afgelopen periode konden belanghebbenden reageren op het voorstel.
Die reacties worden momenteel beoordeeld door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Op basis daarvan kan het plan worden aangepast.
Een belangrijk punt dat nog uitgewerkt moet worden, zijn veiligheidsafstanden. Hoe ver moet publiek verwijderd blijven van de afsteeklocatie?
En wie is aansprakelijk bij incidenten? Pas wanneer deze details duidelijk zijn, kan het parlement een definitief oordeel vellen.
Compensatie voor vuurwerkbranche blijft gevoelig punt
Misschien wel het meest gevoelige onderdeel van het hele dossier is de compensatie voor de vuurwerkbranche. Een landelijk verbod zou voor veel handelaren betekenen dat hun bedrijfsmodel in één klap verdwijnt. Voorraad, vergunningen en investeringen worden dan grotendeels waardeloos.
Het kabinet heeft aangegeven dat er een “eerlijke en nette” compensatie moet komen voordat een verbod ingaat. Wat dat precies inhoudt, is nog onduidelijk.
Gesprekken met brancheorganisaties lopen, maar concrete bedragen of regelingen zijn nog niet bekendgemaakt.
Tegenstanders van compensatie wijzen erop dat de maatschappelijke kosten van vuurwerkgebruik enorm zijn. Jaarlijks lopen honderden mensen ernstig letsel op, raken hulpdiensten overbelast en ontstaat er voor miljoenen euro’s aan schade.
Volgens hen is het onredelijk om alleen de economische schade van handelaren te vergoeden, terwijl de samenleving al jaren opdraait voor de gevolgen.
Gezondheid, veiligheid en dierenwelzijn centraal
De roep om een vuurwerkverbod komt niet uit het niets. Elk jaar rond de jaarwisseling stijgt het aantal spoedeisende hulpbezoeken fors. Brandwonden, oogletsel en amputaties komen nog steeds voor.
Ook politie en brandweer krijgen te maken met agressie, vernielingen en gevaarlijke situaties.
Daarnaast is er steeds meer aandacht voor de impact op dieren. Huisdieren raken in paniek, paarden slaan op hol en wilde vogels vliegen massaal op in het donker, soms met fatale gevolgen. Ook mensen met PTSS, autisme of angststoornissen ervaren de knallen als extreem belastend.
Milieuorganisaties wijzen bovendien op de vervuiling die vuurwerk veroorzaakt. Fijnstof, zware metalen en plastic resten belanden in lucht, bodem en water. Vooral mensen met longproblemen kunnen daar dagenlang last van houden.
Illegaal vuurwerk blijft zorgen baren
Een veelgehoord tegenargument is dat een verbod illegale handel juist in de hand zou werken. In buurlanden gelden vaak andere regels, waardoor vuurwerk relatief eenvoudig over de grens te verkrijgen is.
Politie en gemeenten vrezen dat smokkel en ondergrondse handel toenemen als consumenten geen legaal alternatief meer hebben.
Het handhavingsplan besteedt daarom veel aandacht aan internationale samenwerking en controle op opslag en transport. Of dat in de praktijk voldoende is, blijft een punt van discussie.
Wanneer valt de definitieve beslissing?
Het kabinet wil het liefst dat het landelijk vuurwerkverbod al bij de komende jaarwisseling ingaat.
Dat is echter alleen mogelijk als alle voorwaarden tijdig worden ingevuld en het parlement instemt met de ingangsdatum. Mocht dat niet lukken, dan kan de invoering worden uitgesteld.
Voorlopig is één ding duidelijk: het debat over vuurwerk is nog lang niet voorbij. De komende maanden zijn bepalend voor de toekomst van oud en nieuw in Nederland.
Wordt het een jaarwisseling zonder consumentenvuurwerk, of blijft het bij strengere regels en vergunningen? Die beslissing ligt uiteindelijk bij de politiek, maar de maatschappelijke druk neemt met het jaar toe.





