De onvrede in de tankstationbranche loopt hoog op. Vooral ondernemers langs de grens voelen zich in de steek gelaten door het kabinet. Nieuwe energiemaatregelen zouden verlichting moeten bieden, maar volgens veel pomphouders gebeurt juist het tegenovergestelde. Terwijl de prijzen in Nederland hoog blijven, wijken automobilisten massaal uit naar het buitenland.

Het gevolg laat zich raden: dalende omzet, groeiende onzekerheid en een sector die steeds verder onder druk komt te staan.
Tankstationbranche uit stevige kritiek
De kritiek vanuit de tankstationbranche is ongekend fel. Brancheorganisatie Drive, die veel pomphouders vertegenwoordigt, stelt dat de aangekondigde maatregelen totaal geen oplossing bieden voor de problemen waar ondernemers mee kampen.
Voorzitter Martin van Eijk laat duidelijk weten dat het beleid de kern van het probleem volledig mist. Volgens hem verandert er niets aan de situatie waarin Nederlandse tankstations zich bevinden.
De frustratie zit vooral in het gebrek aan directe maatregelen.
Prijsverschil met buurlanden groeit
Het grootste probleem voor tankstations langs de grens is het prijsverschil met Duitsland en België. Brandstof is daar vaak tientallen centen per liter goedkoper.
Voor automobilisten is de keuze snel gemaakt. Zeker voor mensen die dichtbij de grens wonen, loont het om even om te rijden.
Dat zorgt ervoor dat Nederlandse tankstations klanten verliezen, en dat effect wordt steeds groter.
Automobilisten tanken massaal over grens
Steeds meer Nederlanders kiezen ervoor om hun tankbeurt in het buitenland te doen. Voor veel huishoudens kan dat op jaarbasis flink schelen in de kosten.
Vooral frequente rijders merken het verschil snel. Een paar tientjes per tankbeurt maakt op de lange termijn een groot verschil.
Daarnaast combineren veel mensen het tanken met boodschappen of andere uitstapjes over de grens, wat het nog aantrekkelijker maakt.
Pomphouders verliezen vaste klanten
Voor tankstationhouders is het verlies van vaste klanten een groot probleem. Veel stations draaien op een dunne marge, waardoor elke klant telt.
Als klanten wegblijven, komt de winstgevendheid direct onder druk te staan.
Kleine tankstations hebben het daarbij het zwaarst. Grote locaties kunnen nog enigszins compenseren met volume, maar kleinere ondernemers hebben die luxe niet.
Honderden tankstations in problemen
Volgens brancheorganisatie Drive zitten momenteel al zo’n 400 tot 500 tankstationhouders in financiële problemen.
Als er niets verandert, kan dat aantal oplopen tot ongeveer 1.000.
Dat betekent dat een groot deel van de sector mogelijk in zwaar weer terechtkomt.
De gevolgen daarvan gaan verder dan alleen de ondernemers zelf.
Gevolgen voor regio en werkgelegenheid
Wanneer tankstations verdwijnen, heeft dat impact op de hele regio. Het gaat niet alleen om brandstof, maar ook om werkgelegenheid en voorzieningen.
Tankstations fungeren vaak als belangrijke stopplekken voor reizigers en buurtbewoners.
Als die verdwijnen, moeten mensen verder rijden voor brandstof en andere diensten.
Dat kan ook gevolgen hebben voor de bereikbaarheid en veiligheid op regionale wegen.
Geen oplossing in kabinetsbeleid
Volgens de branche ontbreekt het in het huidige beleid aan gerichte oplossingen. De maatregelen die zijn aangekondigd richten zich vooral op de lange termijn.
Maar de problemen van pomphouders spelen nú.
Zonder directe steun of aanpassingen blijft het prijsverschil met buurlanden bestaan, en dat is precies waar het probleem zit.
Waarom accijnzen rol spelen
Een belangrijke oorzaak van het prijsverschil zijn de accijnzen op brandstof in Nederland. Die liggen hoger dan in veel andere landen.
Dat maakt tanken in Nederland structureel duurder.
Zolang daar niets aan verandert, blijft het aantrekkelijk om over de grens te tanken.
Voor pomphouders is dat een probleem dat ze zelf niet kunnen oplossen.
Oplossingen volgens de branche
De sector pleit voor gerichte maatregelen die direct effect hebben. Denk aan tijdelijke compensatie of aanpassingen in belastingen.
Ook wordt gekeken naar manieren om het prijsverschil met buurlanden te verkleinen.
Daarnaast proberen sommige tankstations hun aanbod te verbreden, bijvoorbeeld met horeca, wasstraten of laadpunten.
Maar dat vraagt investeringen die niet voor iedereen haalbaar zijn.
Verduurzaming onder druk
Een ander gevolg van de huidige situatie is dat investeringen in verduurzaming worden uitgesteld.
Veel ondernemers hebben simpelweg niet de middelen om te investeren in nieuwe technologieën of duurzame oplossingen.
Dat staat haaks op de bredere doelen van het kabinet.
De sector zit daardoor in een lastige spagaat.
Politieke spanningen lopen op
De uitspraken vanuit de branche laten zien dat de spanningen tussen ondernemers en politiek oplopen.
Veel pomphouders hebben het gevoel dat er onvoldoende aandacht is voor hun situatie.
De kritiek richt zich vooral op het feit dat kleine ondernemers de dupe worden van beleid dat niet goed aansluit op de praktijk.
Het vertrouwen in oplossingen vanuit Den Haag lijkt daardoor af te nemen.
Toekomst van tankstations onzeker
De komende tijd wordt cruciaal voor de sector. Zonder aanpassingen in het beleid blijft de druk toenemen.
Veel ondernemers zullen moeten kiezen: aanpassen of stoppen.
Dat kan leiden tot een verdere afname van het aantal tankstations in Nederland.
Vooral in grensgebieden kan dat snel zichtbaar worden.
Conclusie: sector vraagt om actie
De tankstationbranche staat op een kantelpunt. Terwijl automobilisten profiteren van lagere prijzen over de grens, betalen Nederlandse ondernemers de prijs.
De huidige maatregelen van het kabinet bieden volgens de sector geen oplossing.
Zonder gerichte actie dreigt een scenario waarin honderden tankstations verdwijnen.
De roep om ingrijpen wordt dan ook steeds luider — en het is de vraag hoe lang die nog genegeerd kan worden.





