De sfeer rond het beoogde minderheidskabinet onder leiding van Rob Jetten is in korte tijd flink omgeslagen. Waar in eerste instantie werd gesproken over een nuchtere, zakelijke samenwerking, klinkt achter de schermen inmiddels harde taal.

Binnen het politieke hart van Binnenhof wordt zelfs gesproken over een interne strijd die het voortbestaan van het kabinet direct onder druk zet.
De formatie is nog nauwelijks afgerond, maar de eerste grote breuklijnen zijn al zichtbaar.
Verschillende partijen staan lijnrecht tegenover elkaar op dossiers die politiek én maatschappelijk extreem gevoelig liggen. En dat alles terwijl de steun van oppositiepartijen onmisbaar is om plannen door de Kamer te krijgen.
Van wittebroodsweken naar wantrouwen
Normaal gesproken krijgen nieuwe kabinetten enige ruimte om op gang te komen. Die luxe lijkt dit minderheidskabinet niet te hebben. Al tijdens de laatste gesprekken is het vertrouwen tussen de partners zichtbaar afgenomen.
Bronnen rond de formatie spreken van verhitte overleggen, afgebroken sessies en ministers-in-spe die elkaar openlijk verwijten maken.
De belofte van een pragmatische samenwerking blijkt lastig vol te houden nu de inhoud op tafel ligt. Vooral de vraag waar miljarden naartoe moeten, zorgt voor onoverbrugbare meningsverschillen.
Het klimaatgeld als breekijzer
Het grootste struikelblok is zonder twijfel het klimaatbeleid. Democraten 66 houdt vast aan de eerder afgesproken twintig miljard euro voor het natuur- en klimaatfonds.
Voor Jetten is dit dossier fundamenteel: het geld is volgens hem nodig om klimaatdoelen te halen, natuur te herstellen en toekomstige kosten te voorkomen.
Daar staat Volkspartij voor Vrijheid en Democratie recht tegenover. Binnen de VVD groeit de druk vanuit de achterban om de koopkracht centraal te stellen. Brandstofprijzen, energiebelasting en dagelijkse lasten zijn voor veel kiezers een groter probleem dan langetermijnklimaatdoelen.
De partij wil daarom een deel van het klimaatbudget gebruiken om accijnzen te verlagen en huishoudens direct te ontlasten.
Volgens ingewijden wordt deze discussie steeds feller. Waar het eerst ging over schuiven met bedragen, is het inmiddels een principiële strijd geworden over de koers van het kabinet.
Asiel en migratie blijven politiek explosief
Ook op het dossier asiel en migratie staat de boel op scherp. De voorgestelde spreidingswet-light, bedoeld om opvang eerlijker over gemeenten te verdelen, zorgt voor grote spanningen. Christen-Democratisch Appèl ligt dwars bij de praktische uitwerking van deze wet.
Binnen het CDA is de weerstand vanuit lokale afdelingen groot. Gemeenten vrezen gedwongen opvang zonder voldoende middelen of draagvlak.
Die druk vertaalt zich direct naar Den Haag, waar CDA-onderhandelaars weigeren akkoord te gaan met verplichtingen die lokaal onhaalbaar zouden zijn.
Voor D66 is dit juist een principieel punt. Zonder duidelijke afspraken over spreiding dreigt de opvang opnieuw vast te lopen. Dat maakt dit dossier vrijwel ononderhandelbaar, wat de verhoudingen verder onder druk zet.
Zorgplannen zorgen voor nieuwe onrust
Alsof klimaat en asiel nog niet genoeg zijn, is ook de zorg een bron van groeiende onrust.
Uitgelekte details over hogere eigen bijdragen hebben geleid tot nervositeit binnen meerdere partijen. Vooral het CDA en potentiële steunpartners aan de linkerkant vrezen electorale schade.
De zorg is een gevoelig thema bij vrijwel alle kiezersgroepen. Extra kosten voor patiënten liggen politiek uiterst slecht, zeker in een periode waarin veel mensen al worstelen met stijgende vaste lasten. Interne bronnen spreken van een “ijzige sfeer” zodra dit onderwerp ter sprake komt.
Zonder steun van delen van de oppositie zijn de zorgplannen bovendien nauwelijks haalbaar. Dat maakt het risico groot dat dit dossier het kabinet vroegtijdig kan verlammen.
Minderheidskabinet maakt alles kwetsbaarder
De problemen worden versterkt door het feit dat het om een minderheidskabinet gaat. Elk voorstel vereist steun buiten de coalitie. Dat dwingt partijen tot compromissen, maar vergroot ook de onderlinge spanningen. Iedere concessie kan worden uitgelegd als zwakte, zowel intern als richting de achterban.
Politieke waarnemers wijzen erop dat minderheidskabinetten per definitie fragiel zijn, maar dat de huidige situatie uitzonderlijk gespannen is. De grote dossiers raken allemaal aan kernwaarden van de betrokken partijen, waardoor bewegen politiek gevaarlijk wordt.
Openlijke woorden, gesloten deuren
Hoewel de harde woorden vooral achter gesloten deuren vallen, sijpelt steeds meer door naar buiten. Termen als crisis en oorlog worden in politieke kringen niet meer geschuwd. Dat voedt het beeld van een kabinet dat al in de startblokken struikelt.
Officieel blijft men benadrukken dat er wordt doorgepraat en dat verschillen overbrugbaar zijn. Achter de schermen klinkt echter twijfel of alle partijen de eindstreep samen willen halen.
Wat staat er nu echt op het spel
De komende weken zijn cruciaal. Als er geen doorbraken komen op klimaat, asiel en zorg, dreigt het hele project te ontsporen. Dat zou niet alleen politieke gevolgen hebben, maar ook het vertrouwen van kiezers verder ondermijnen.
Voor Jetten staat veel op het spel. Als beoogd premier moet hij laten zien dat hij kan verbinden en sturen, juist in een verdeeld politiek landschap. Voor de coalitiepartners geldt dat te veel toegeven kan voelen als verraad aan de eigen achterban.
Een kabinet op scherp
Wat begon als een zakelijke samenwerking, lijkt uit te monden in een strijd om richting en identiteit. De spanningen op het Binnenhof laten zien hoe lastig regeren is geworden in een versnipperd politiek landschap.
Of het kabinet-Jetten deze crisis kan overleven, hangt af van de bereidheid om echte keuzes te maken. Eén ding is duidelijk: de wittebroodsweken zijn voorbij, nog voordat ze echt begonnen zijn.





