De strafzaak tegen Clen V. houdt Nederland al maanden bezig. Tijdens een nieuwe openbare zitting zijn opnieuw details naar buiten gekomen over het overlijden van zijn echtgenote Leonie.

De informatie die het Openbaar Ministerie presenteerde, zorgt voor veel vragen en leidt online tot felle discussies.
De 39-jarige man wordt ervan verdacht verantwoordelijk te zijn voor de dood van zijn vrouw, die eind maart levenloos werd aangetroffen in de badkamer van hun woning in Amsterdam-Zuid. Hoewel de exacte doodsoorzaak nog altijd niet definitief is vastgesteld, ziet justitie voldoende aanwijzingen om uit te gaan van een misdrijf.
Mis geen artikelen! Volg TrendyVandaag in Google →
Verdachte blijft ontkennen
Vanaf het begin houdt Clen V. vol dat hij niets met de dood van zijn vrouw te maken heeft. Ook tijdens de zitting verklaarde hij dat hij niet begrijpt waarom hij als verdachte wordt gezien.
Volgens hem leeft hij al maanden in een nachtmerrie en wil hij niets liever dan terugkeren naar zijn dochter. Hij benadrukt dat hij geen enkele betrokkenheid heeft gehad bij het overlijden van zijn echtgenote.
Het Openbaar Ministerie ziet dat echter heel anders. Justitie noemt verschillende omstandigheden die volgens de officier van justitie vragen oproepen en nader onderzocht moeten worden.
Levenloos aangetroffen in bad
Leonie werd op 26 maart gevonden in de woning waar zij samen met haar man en hun jonge dochter woonde. Ze lag in een met heet water gevuld bad, terwijl de kraan nog steeds openstond.
Onderzoekers vermoeden dat zij waarschijnlijk al vele uren eerder was overleden. Daardoor werd direct een uitgebreid onderzoek gestart naar wat zich precies in de woning heeft afgespeeld.
De situatie waarin het lichaam werd aangetroffen maakte het onderzoek extra ingewikkeld. Volgens justitie is daardoor nog altijd niet met volledige zekerheid vast te stellen waaraan Leonie precies is overleden.
Vier scenario’s onderzocht
Rechercheurs hebben meerdere mogelijkheden onderzocht om duidelijkheid te krijgen over haar overlijden.
Zo werd gekeken naar een natuurlijke dood, een tragisch ongeval, zelfdoding en een misdrijf. Na maanden van onderzoek stelt het Openbaar Ministerie dat alleen het laatste scenario volgens de huidige onderzoeksresultaten nog overeind blijft.
Dat betekent niet automatisch dat alle vragen al zijn beantwoord. Integendeel: juist daarom loopt het onderzoek nog altijd door.
De aanklacht kan de komende maanden zelfs nog worden aangepast wanneer nieuwe onderzoeksresultaten beschikbaar komen.
Collega’s sloegen alarm
Op de ochtend na het vermoedelijke overlijden verscheen Leonie niet op haar werk. Dat viel direct op bij collega’s.
Omdat zij ook niet reageerde op telefoontjes en e-mails, begonnen collega’s zich zorgen te maken. Nadat contact met zowel Leonie als haar echtgenoot uitbleef, besloten zij zelf naar de woning te gaan.
Toen daar eveneens niemand opendeed, werd de politie gewaarschuwd.
Niet veel later arriveerde ook de oppas van het gezin. Dankzij haar sleutel konden agenten uiteindelijk de woning binnengaan. Daar troffen zij op de eerste verdieping het lichaam van Leonie aan.
Verklaring van Clen V. roept vragen op
Tijdens de rechtszitting stond vooral één verklaring van de verdachte centraal.
Clen V. zegt dat hij dacht dat zijn vrouw die ochtend gewoon naar haar werk was vertrokken. Volgens het Openbaar Ministerie past die verklaring echter moeilijk bij verschillende omstandigheden die later in de woning werden aangetroffen.
Zo zou haar telefoon nog in de slaapkamer hebben gelegen. Ook haar tas stond nog in de hal en haar jas hing volgens justitie nog gewoon in huis.
Daarnaast werd vastgesteld dat de kraan van het bad nog steeds liep toen de politie de woning binnenkwam.
Juist deze combinatie van omstandigheden maakt volgens justitie dat de verklaring van de verdachte niet eenvoudig te rijmen is met de feiten.
Opvallend gedrag na ontdekking
Ook het gedrag van Clen V. nadat de politie de woning had betreden, kwam tijdens de zitting uitgebreid aan bod.
Volgens het Openbaar Ministerie was hij op dat moment niet thuis. Toen hij later terugkeerde, zou hij nauwelijks vragen hebben gesteld over zijn vrouw of over wat zich in de woning had afgespeeld.
In plaats daarvan zou hij vrijwel direct hebben aangegeven dat hij die ochtend nog niet had gedoucht of zijn tanden had gepoetst.
Volgens de officier van justitie wekte dat de indruk dat hij vooral bezig was zichzelf buiten de gebeurtenissen in de woning te plaatsen.
Of die interpretatie uiteindelijk standhoudt, zal pas tijdens de verdere behandeling van de zaak blijken.
Lichaam zou nog zijn verplaatst
Uit onderzoek van de schouwarts blijkt volgens justitie bovendien dat het lichaam van Leonie na haar overlijden nog is aangeraakt.
Wat er precies is gebeurd en wanneer dat zou zijn gebeurd, is nog altijd onderdeel van het lopende onderzoek.
Juist omdat meerdere onderdelen van het dossier nog niet definitief zijn afgerond, houdt het Openbaar Ministerie verschillende onderzoekslijnen open.
Ook deskundigen blijven de komende maanden aanvullend onderzoek verrichten.
Advocaten zien andere mogelijkheden
De verdediging blijft benadrukken dat de zaak veel minder duidelijk is dan het Openbaar Ministerie doet voorkomen.
Volgens de advocaten ontbreekt nog altijd een definitieve doodsoorzaak. Daardoor kan volgens hen niet worden uitgesloten dat sprake is van een andere verklaring dan moord.
Daarnaast wijzen zij erop dat Leonie volgens verschillende mensen uit haar omgeving al langere tijd kampte met gezondheidsklachten en vermoeidheid.
Ook zou sprake zijn geweest van stress en overbelasting.
Volgens de verdediging moeten al deze omstandigheden zorgvuldig worden onderzocht voordat definitieve conclusies kunnen worden getrokken.
Voorlopig blijft verdachte vastzitten
Ondanks de bezwaren van de verdediging heeft de rechtbank besloten dat Clen V. voorlopig in voorlopige hechtenis blijft.
Daarnaast zal hij worden geobserveerd in het Pieter Baan Centrum.
Volgens de rechtbank is die observatie noodzakelijk omdat de verdachte geen inhoudelijke verklaring wil afleggen over de gebeurtenissen en slechts beperkt meewerkt aan het onderzoek.
De rechtbank benadrukt daarbij wel dat er op dit moment geen concrete aanwijzingen zijn voor een psychische stoornis.










