Het landelijke vuurwerkverbod waar Den Haag aan werkt, moet volgens veel burgemeesters zorgen voor meer rust, veiligheid en duidelijkheid rond de jaarwisseling.

Toch klinkt er vanuit grote gemeenten stevige kritiek op de manier waarop het verbod nu wordt ingevuld.
Met name de mogelijkheid voor verenigingen en clubs om een ontheffing aan te vragen, roept veel vragen op. Volgens meerdere burgemeesters dreigt juist hierdoor een nieuwe chaos te ontstaan.
Bestuurders uit onder andere Nijmegen, Haarlem, Rotterdam en Delft spreken hun zorgen openlijk uit. Zij vrezen dat de handhaving straks niet alleen lastig, maar zelfs praktisch onmogelijk wordt.
Ontheffingen ondermijnen het idee van een verbod
Het plan van het kabinet is dat er een algeheel vuurwerkverbod komt voor burgers.
Tegelijkertijd blijft het mogelijk voor buurtverenigingen, sportclubs of andere organisaties om een ontheffing aan te vragen om toch vuurwerk af te steken. De burgemeester van de gemeente beslist per aanvraag of die wordt toegekend.
Op papier lijkt dat een compromis, maar in de praktijk zien veel burgemeesters vooral problemen. Zij wijzen erop dat een verbod juist bedoeld is om duidelijkheid te scheppen. Door alsnog uitzonderingen toe te staan, ontstaat er volgens hen verwarring bij burgers en handhavers.
Handhaving is het grootste probleem
Volgens de burgemeesters zit de kern van het probleem bij de handhaving. Tijdens de jaarwisseling staan politie, brandweer en ambulancediensten al maximaal onder druk. Extra toezicht op vuurwerkontheffingen is simpelweg niet haalbaar.
De Nijmeegse burgemeester Bruls benadrukt dat zijn gemeente al sinds 2020 een lokaal vuurwerkverbod heeft.
Toch is er bewust nooit gekozen voor georganiseerde vuurwerkshows. Niet omdat men daar principieel tegen is, maar omdat de capaciteit ontbreekt. De jaarwisseling is volgens hem zelfs drukker dan grote evenementen zoals de Vierdaagse.
Alle beschikbare hulpdiensten zijn al nodig voor reguliere incidenten. Extra evenementen begeleiden is dan geen optie.
‘De handhaving wordt een totale onmogelijkheid’
Ook de Haarlemse burgemeester Wienen is uitgesproken kritisch. Volgens de regels van de ontheffing mogen maximaal acht mensen vuurwerk afsteken, waarvan er minstens twee volwassen moeten zijn. In theorie zou dat betekenen dat vrijwel elke straat een eigen vereniging kan oprichten.
Dat scenario baart grote zorgen. Als op tientallen of zelfs honderden plekken tegelijk vuurwerk wordt afgestoken, is toezicht niet meer te organiseren.
Daarbij komt dat dergelijke locaties publiek trekken. Grote groepen mensen verzamelen zich rond vuurwerk, wat extra risico’s oplevert.
Volgens de burgemeesters is het overzichtelijker om vuurwerk te concentreren op een beperkt aantal centrale plekken, dan om het te verspreiden over de hele stad.
Drukste nacht van het jaar
De jaarwisseling is traditioneel de drukste nacht voor hulpdiensten. Er zijn meer branden, meer geweldsincidenten en meer medische noodgevallen dan op vrijwel elke andere dag. Burgemeesters benadrukken dat ze op dat moment geen mensen ‘over’ hebben.
Een vuurwerkshow organiseren vraagt om politie-inzet, brandweerstand-by en medische voorzieningen. Zelfs één locatie goed beveiligen is al een uitdaging, laat staan meerdere tegelijk.
Gevaar voor willekeur tussen gemeenten
Een ander groot bezwaar is het risico op verschillen tussen gemeenten.
De ene burgemeester kan besluiten streng te zijn en geen ontheffingen te verlenen, terwijl een buurgemeente dat wel doet. Dat leidt onvermijdelijk tot discussies, onbegrip en mogelijk zelfs vuurwerktoerisme.
Volgens Bruls is het bijna onvermijdelijk dat zulke verschillen ontstaan.
Dat kan betekenen dat een voetbalvereniging in de ene gemeente wel vuurwerk mag afsteken, terwijl een vergelijkbare vereniging een paar kilometer verderop nul op het rekest krijgt.
Daarom pleiten de burgemeesters voor regionale afstemming, om te voorkomen dat elke gemeente zijn eigen koers vaart.
Kabinet ziet juist ruimte voor maatwerk
Opvallend genoeg is die variatie tussen gemeenten juist wat het kabinet voor ogen heeft. Volgens demissionair staatssecretaris Aartsen is Nederland niet overal hetzelfde. Wat werkt in Amsterdam, hoeft niet te passen bij een dorp in de Achterhoek.
Burgemeesters erkennen dat verschillen bestaan, maar vrezen dat dit in de praktijk leidt tot onduidelijkheid en frustratie bij burgers. Zeker bij een onderwerp als vuurwerk, waar emoties toch al hoog oplopen.
Weinig animo voor georganiseerde shows
In gemeenten waar al langer een vuurwerkverbod geldt, merken bestuurders bovendien dat er nauwelijks vraag is naar georganiseerde vuurwerkshows. In Nijmegen is die behoefte volgens Bruls nooit echt aanwezig geweest.
Dat roept de vraag op waarom de mogelijkheid voor ontheffingen überhaupt nodig is. Als burgers er weinig om vragen en gemeenten er vooral problemen in zien, lijkt het risico groter dan de opbrengst.
Gemeenten mogen zelf nee zeggen
Belangrijk detail is dat gemeenten niet verplicht zijn om ontheffingen te verlenen. Iedere burgemeester kan besluiten om geen gebruik te maken van de regeling. Toch vrezen bestuurders dat er maatschappelijke en politieke druk ontstaat om toch iets toe te staan.
Zeker in gemeenten waar het draagvlak voor een volledig verbod minder groot is, kan die druk voelbaar worden. Dat maakt handhaving niet eenvoudiger, maar juist complexer.
Verwarring bij burgers ligt op de loer
Burgemeesters waarschuwen ook voor de communicatieve gevolgen. Eerst wordt een algeheel verbod aangekondigd, wat voor veel mensen duidelijkheid schept. Daarna volgen uitzonderingen, voorwaarden en lokale verschillen.
Voor burgers wordt het dan lastig te begrijpen wat wel en niet mag. Dat vergroot de kans op overtredingen, discussies met handhavers en frustratie op straat.
Hoop op definitief verbod
Ondanks alle kanttekeningen hopen de burgemeesters dat het landelijke vuurwerkverbod er alsnog komt voor de komende jaarwisseling. Volgens Bruls heeft de afgelopen jaarwisseling, die opnieuw gepaard ging met veel incidenten en gewonden, het draagvlak vergroot.
Zelfs mensen die eerder tegen een verbod waren, lijken nu vaker te erkennen dat het huidige systeem niet houdbaar is. Dat maakt de kans groter dat het verbod politiek wordt afgerond.
Conclusie: goede bedoelingen, lastige uitvoering
Het debat rond het vuurwerkverbod laat zien hoe groot het verschil kan zijn tussen beleid en praktijk. Waar Den Haag zoekt naar compromissen, wijzen burgemeesters op de dagelijkse realiteit op straat.
Volgens hen werkt een half verbod niet. Of er komt een duidelijke, landelijke regel zonder uitzonderingen, of gemeenten blijven zitten met een onuitvoerbaar systeem.
De komende maanden zullen uitwijzen welke kant het opgaat, maar één ding is duidelijk: zonder voldoende handhaving en helderheid dreigt het vuurwerkprobleem allesbehalve opgelost te worden.





