Voor veel gepensioneerden is er goed nieuws richting 2026. De overheid heeft de nieuwe AOW-bedragen vastgesteld en die vallen gunstig uit.

Niet alleen gaat de maandelijkse AOW-uitkering omhoog, ook het vakantiegeld dat AOW’ers opbouwen wordt hoger. Dat betekent dat er in mei 2026 een merkbaar groter bedrag wordt uitgekeerd, vooral voor alleenstaanden.
De stijging komt niet uit de lucht vallen. De AOW is gekoppeld aan het wettelijk minimumloon, en dat minimumloon wordt opnieuw verhoogd.
Zodra dat gebeurt, bewegen de AOW-bedragen automatisch mee. Die koppeling zorgt ervoor dat gepensioneerden enigszins beschermd blijven tegen stijgende kosten, al blijft het voor veel mensen puzzelen om rond te komen.
Waarom het vakantiegeld van AOW’ers stijgt
Het vakantiegeld van AOW’ers is direct verbonden aan de hoogte van de AOW-uitkering zelf.
Omdat die uitkering gekoppeld is aan het minimumloon, werkt elke verhoging van dat loon automatisch door in het vakantiegeld. In 2026 wordt het minimumloon opnieuw aangepast, en dat heeft dus direct effect op de portemonnee van gepensioneerden.
Belangrijk om te weten is dat AOW’ers hun vakantiegeld anders ontvangen dan werknemers.
Waar werkenden meestal acht procent van hun loon opbouwen, krijgen AOW’ers elke maand een vast bedrag gereserveerd. Dat bedrag wordt niet direct uitgekeerd, maar apart gezet en eenmaal per jaar uitbetaald.
Zo werkt de maandelijkse opbouw van vakantiegeld
Elke maand wordt er een vast bedrag aan vakantiegeld gereserveerd. Dat bedrag hangt af van de persoonlijke situatie.
Alleenstaanden bouwen meer vakantiegeld op dan gehuwden of samenwonenden. Dit verschil bestaat al jaren en blijft ook in 2026 bestaan.
De reservering gebeurt automatisch. AOW’ers hoeven hier niets voor te doen en zien het bedrag niet terug op hun maandelijkse uitbetaling. Pas in mei, wanneer het vakantiegeld wordt uitgekeerd, wordt duidelijk hoeveel er in totaal is opgebouwd.
Hogere maandbedragen voor alleenstaanden
Voor alleenstaande AOW’ers pakt 2026 bijzonder gunstig uit. Vanaf januari 2026 wordt er elke maand € 106,55 aan vakantiegeld gereserveerd.
Dat is een duidelijke stijging ten opzichte van het tweede halfjaar van 2025, toen het maandbedrag € 100,39 bedroeg.
Op maandbasis lijkt het verschil misschien beperkt, maar op jaarbasis tikt het flink aan. Zeker voor alleenwonende gepensioneerden zonder aanvullend pensioen kan deze verhoging net wat extra lucht geven. Denk aan een korte vakantie, een grote rekening of simpelweg wat financiële rust.
Ook gehuwde AOW’ers zien een stijging
Niet alleen alleenstaanden profiteren van de verhoging. Voor gehuwde en samenwonende AOW’ers stijgt het maandelijkse vakantiegeld in 2026 naar € 76,10 per persoon. Dat was eind 2025 nog € 71,71.
Hoewel de stijging bij deze groep iets minder groot is dan bij alleenstaanden, gaat het ook hier om een structurele verbetering.
Omdat beide partners vakantiegeld opbouwen, kan het gezamenlijke bedrag alsnog aanzienlijk zijn wanneer het in mei wordt uitgekeerd.
Waarom het uiteindelijke bedrag hoger uitvalt dan gedacht
Het vakantiegeld wordt niet simpelweg berekend door twaalf keer hetzelfde maandbedrag te nemen. De opbouw loopt van mei tot en met april, en binnen die periode worden de AOW-bedragen twee keer aangepast. Dat gebeurt in juli en in januari.
Daardoor tellen er drie verschillende maandbedragen mee in de uiteindelijke berekening. Dat maakt de berekening iets ingewikkelder, maar het resultaat is dat het totale vakantiegeld hoger uitvalt dan veel mensen vooraf verwachten.
Zoveel vakantiegeld krijgen AOW’ers in mei 2026
Door de combinatie van hogere maandbedragen en tussentijdse verhogingen komt het vakantiegeld in mei 2026 op een aanzienlijk bedrag uit.
Alleenstaande AOW’ers ontvangen in mei 2026 in totaal € 1.233,46 bruto aan vakantiegeld. Voor AOW’ers met een partner bedraagt het vakantiegeld € 881,02 bruto per persoon.
Over deze bedragen moet nog belasting worden betaald, waardoor het netto-bedrag lager uitvalt.
Toch betekent dit voor veel gepensioneerden een welkom extraatje, zeker in een periode waarin vaste lasten zoals energie, boodschappen en zorgkosten hoog blijven.
Wanneer wordt het vakantiegeld uitbetaald?
Het vakantiegeld wordt in één keer uitgekeerd, samen met de AOW-uitkering van mei. In 2026 staat die betaling gepland op 21 mei.
Op die dag ontvangen AOW’ers dus zowel hun reguliere maandelijkse uitkering als het volledige opgebouwde vakantiegeld.
De overige AOW-uitkeringen worden verspreid over het jaar uitbetaald. De betaaldata liggen in 2026 onder andere op 22 januari, 23 februari, 23 maart en 23 april.
Na de mei-uitbetaling volgen onder meer 23 juni, 23 juli, 24 augustus, 23 september, 22 oktober, 23 november en 21 december.
Wat betekent dit voor de koopkracht van gepensioneerden?
De verhoging van het vakantiegeld draagt bij aan een iets betere koopkracht voor AOW’ers, maar lost niet alle zorgen op.
Veel gepensioneerden merken dat hun vaste lasten sneller stijgen dan hun inkomsten. Toch zorgt deze aanpassing ervoor dat de AOW enigszins meebeweegt met de economische realiteit.
Vooral alleenstaanden profiteren relatief sterk van de verhoging. Zij hebben vaak minder mogelijkheden om kosten te delen en voelen prijsstijgingen daardoor harder. Een hoger vakantiegeld kan dan nét het verschil maken.
Conclusie: kleine verhoging, merkbaar effect
De nieuwe AOW-bedragen voor 2026 zorgen ervoor dat gepensioneerden niet alleen maandelijks iets meer ontvangen, maar ook kunnen rekenen op een hoger vakantiegeld.
Door de koppeling aan het minimumloon stijgen de bedragen automatisch mee, zonder dat daar extra aanvragen voor nodig zijn.
Hoewel de verhogingen per maand bescheiden lijken, levert het op jaarbasis een duidelijk voordeel op. Vooral bij de uitbetaling in mei wordt het effect zichtbaar.
Voor veel AOW’ers betekent dat extra financiële ruimte op een moment dat die meer dan welkom is.





