Het klinkt misschien als een ver-van-je-bed-show, maar verschillende gezondheidsorganisaties en politici denken er serieus over na. In meerdere Europese landen wordt al gekeken naar manieren om ongezond voedsel aan te pakken, en ook in Nederland groeit de roep om strengere regels. Niet alleen om consumenten bewuster te maken, maar vooral om de alsmaar groeiende gezondheidscrisis rondom obesitas en hart- en vaatziekten in te dammen.
De vraag is dan ook niet of er waarschuwingen op ongezonde producten komen, maar wanneer.
Wat is ongezond voedsel eigenlijk?
Voordat je denkt dat je straks waarschuwingen ziet op elk koekje of gebakje: het gaat hier vooral om sterk bewerkte producten. Denk aan chips, frisdrank, snoep, energiedrankjes en kant-en-klare maaltijden.
Deze producten bevatten vaak te veel suiker, zout en verzadigd vet, en te weinig vezels en essentiële voedingsstoffen.
In het Verenigd Koninkrijk werkt men al met een systeem waarin producten een ‘traffic light’-etiket krijgen: rood staat voor veel suiker, vet of zout, groen betekent een gezondere keuze.
Maar sommige experts vinden dat dit niet ver genoeg gaat. Ze pleiten voor harde, confronterende waarschuwingen zoals we die kennen van sigarettenpakjes.
Waarom nu pas actie?
De aanleiding is duidelijk: overgewicht en obesitas zijn wereldwijd een enorm probleem geworden. In Nederland kampt inmiddels meer dan de helft van de volwassen bevolking met overgewicht, waarvan ruim 15 procent ernstig overgewicht heeft.
Ook onder kinderen nemen de cijfers zorgwekkend toe. Dat heeft grote gevolgen voor de volksgezondheid én de zorgkosten.
Het Voedingscentrum, het RIVM en het ministerie van Volksgezondheid kijken daarom naar nieuwe manieren om gezonder gedrag te stimuleren.
En als het aankomt op gedragsverandering, weten we inmiddels uit ervaring dat waarschuwingen op verpakkingen daadwerkelijk impact kunnen hebben – zoals dat het geval is geweest bij sigaretten.
Wat zouden die waarschuwingen dan zeggen?
Denk aan teksten als:
-
Waarschuwing: dit product bevat veel suiker en verhoogt het risico op diabetes
-
Overmatig gebruik van dit product kan leiden tot hart- en vaatziekten
-
Let op: dit product is ultrabewerkt en niet geschikt voor dagelijks gebruik
Sommige voorstellen gaan nog een stap verder: visuele waarschuwingen met afbeeldingen van vervette organen, overgewicht of medische complicaties, net zoals bij rookwaren.
In landen als Chili, Mexico en Brazilië worden al labels gebruikt die aangeven of een product te veel suiker, vet of zout bevat. Deze labels zijn eenvoudig, zwart-wit en goed zichtbaar aan de voorkant van de verpakking.
Het effect? In Chili daalde de verkoop van ongezonde frisdranken met maar liefst 23 procent in een jaar tijd.
Kritiek op de plannen
Natuurlijk is er ook weerstand. Vooral vanuit de voedingsindustrie klinkt felle kritiek. Fabrikanten vrezen omzetverlies en zeggen dat waarschuwingen consumenten angstig en onzeker maken.
Ze vinden dat mensen zélf verantwoordelijk zijn voor hun keuzes, en dat er al genoeg informatie op verpakkingen staat via de ingrediëntenlijst en voedingswaarde.
Daarnaast zeggen sommige tegenstanders dat de vergelijking met sigaretten te ver gaat. “Je kunt leven zonder te roken, maar niet zonder te eten,” is een veelgehoord argument.
Toch is dat volgens voorstanders geen geldig excuus: het gaat er niet om dat we eten afschaffen, maar dat we consumenten beter helpen onderscheiden wat wel en niet gezond is.
Is Nederland er klaar voor?
De vraag is of Nederland het politieke lef heeft om deze stap te zetten. Eerdere campagnes rond suikerbelasting of verbod op reclame voor ongezond voedsel gericht op kinderen zijn al vaak gestrand in eindeloze discussies en lobby’s.
Toch lijken de signalen duidelijk: het huidige voedingspatroon van veel Nederlanders is niet duurzaam voor de volksgezondheid.
Minister van Volksgezondheid Pia Dijkstra heeft onlangs aangegeven dat de overheid werkt aan een nationaal preventieakkoord 2.0.
Daarin wordt gekeken naar nieuwe maatregelen tegen obesitas, waaronder mogelijk dwingender etikettering van ongezonde producten.
Een grote meerderheid van de Nederlanders blijkt volgens peilingen overigens wél voorstander van betere waarschuwingen en duidelijkheid op verpakkingen.
Zeker als het om kinderen gaat, wil men dat de overheid harder optreedt tegen marketing van snoep en snacks.
Wat kun je als consument doen?
Totdat dergelijke waarschuwingen wettelijk verplicht worden, is het aan jou als consument om slim en kritisch te blijven.
Kijk naar de ingrediëntenlijst en voedingswaarde, wees alert op termen als ‘natuurlijk’ of ‘light’ die vaak misleidend zijn, en gebruik hulpmiddelen zoals de app ‘Kies Ik Gezond?’ van het Voedingscentrum.
Een handige vuistregel: hoe langer de ingrediëntenlijst, hoe waarschijnlijker dat het product sterk bewerkt is.
En hoe vaker je iets in een pakje, zakje of blikje koopt, hoe groter de kans dat je iets eet wat eigenlijk geen dagelijkse kost hoort te zijn.
Wat betekent dit voor de toekomst?
Als deze plannen worden doorgezet, zou het zomaar kunnen dat we binnen een paar jaar massaal producten in de supermarkt tegenkomen met waarschuwende etiketten.
Het zou een cultuuromslag betekenen in hoe we met voeding omgaan: minder marketing, meer bewustwording.
En misschien is dat ook precies wat we nodig hebben. Niet om mensen te betuttelen, maar om ze te beschermen.
Want net zoals bij roken, geldt ook bij ongezonde voeding: wat we vandaag normaal vinden, zien we over twintig jaar misschien als onverantwoord.
Of er straks inderdaad ‘shocklabels’ op chips en frisdrank komen, blijft even afwachten. Maar dat er iets moet veranderen aan ons eetgedrag, daar is iedereen het over eens.