Over een week is het weer zover: op 18 maart trekken Nederlanders naar het stemhokje voor de gemeenteraadsverkiezingen. In veel gemeenten wordt dan bepaald wie de komende jaren de koers van de stad of het dorp gaat bepalen.

Volgens een nieuwe peiling van onderzoeksbureau Ipsos I&O lijkt er één duidelijke trend zichtbaar: lokale partijen blijven sterk en kunnen opnieuw als grootste uit de bus komen.
Toch valt er ook iets op bij de landelijke partijen. Vooral de samenwerking tussen GroenLinks en PvdA lijkt in veel gemeenten flink te kunnen profiteren van de huidige politieke situatie.
Lokale partijen opnieuw bijzonder populair
Uit het onderzoek blijkt dat lokale partijen gezamenlijk op ongeveer 34,5 procent van de stemmen zouden kunnen uitkomen. Dat is zelfs hoger dan bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen in 2022, toen zij samen rond de 31 procent haalden.
Dit betekent dat lokale lijsten opnieuw de grootste politieke kracht kunnen worden op gemeentelijk niveau.
Die populariteit komt niet helemaal uit de lucht vallen. Veel kiezers voelen zich sterker verbonden met kandidaten uit hun eigen stad of dorp dan met landelijke partijen. Lokale politici zijn vaak zichtbaar in de buurt, kennen de problemen in wijken en hebben direct contact met inwoners.
Daarnaast draaien lokale campagnes meestal om praktische onderwerpen waar mensen dagelijks mee te maken hebben. Denk aan parkeerproblemen, verkeersveiligheid, woningbouw, groenvoorziening en veiligheid in de wijk.
Voor veel kiezers voelt dat concreter dan discussies uit Den Haag.
Waarom lokale politiek zo goed scoort
Het succes van lokale partijen heeft meerdere oorzaken. Eén daarvan is dat landelijke partijen simpelweg niet overal meedoen. In veel gemeenten ontbreekt bijvoorbeeld een partij die rechts van de VVD zit.
Daardoor kiezen sommige kiezers uiteindelijk voor een lokale lijst die het beste aansluit bij hun ideeën.
Daarnaast hebben lokale partijen vaak een meer pragmatische aanpak. Waar landelijke politiek regelmatig draait om ideologische discussies, richten lokale partijen zich vooral op praktische oplossingen.
Het gaat dan bijvoorbeeld om betere wegen, nieuwe woningen, veilige fietspaden of het verbeteren van voorzieningen voor jongeren.
Dat spreekt veel inwoners aan, omdat het direct invloed heeft op hun leefomgeving.
Ook speelt herkenbaarheid een grote rol. Kandidaten zijn vaak bekende gezichten uit de buurt, bijvoorbeeld ondernemers, sportbestuurders of vrijwilligers uit lokale verenigingen.
Dat zorgt voor vertrouwen bij kiezers.
GroenLinks-PvdA doet het opvallend goed
Hoewel lokale partijen waarschijnlijk het grootste blok blijven vormen, valt ook de positie van GroenLinks-PvdA op. In de peiling wordt de samenwerking tussen beide partijen bij elkaar opgeteld en dat levert ongeveer 17,3 procent van de stemmen op.
Daarmee zouden zij de grootste landelijke politieke combinatie kunnen worden bij de gemeenteraadsverkiezingen.
Vooral in grotere steden lijkt deze samenwerking sterk te scoren. Thema’s zoals duurzaamheid, betaalbare woningen, openbaar vervoer en leefbare steden spelen daar een grote rol.
Veel stedelijke kiezers voelen zich aangesproken door die onderwerpen.
Wel moet daarbij een belangrijke nuance worden gemaakt: in sommige gemeenten doen GroenLinks en PvdA nog steeds afzonderlijk mee. Dat betekent dat de uiteindelijke resultaten per stad of dorp sterk kunnen verschillen.
Toch laat de peiling zien dat progressieve partijen nog altijd een stevige achterban hebben, vooral in stedelijke gebieden.
VVD volgt op afstand
Na GroenLinks-PvdA komt de VVD in de peiling uit op ongeveer 11,4 procent. Daarmee blijft de partij een belangrijke speler in de lokale politiek.
De VVD heeft traditioneel een sterk netwerk binnen gemeenten. In veel steden en dorpen leveren zij al jaren wethouders en bestuurders.
Vooral in middelgrote gemeenten doet de partij het vaak goed. Daar speelt bijvoorbeeld economische ontwikkeling een belangrijke rol, een onderwerp waar VVD-kiezers vaak veel waarde aan hechten.
Toch lijkt de partij in deze peiling wat terrein te moeten prijsgeven ten opzichte van eerdere jaren.
Middenmoot van landelijke partijen
Achter de VVD volgt een groep partijen die relatief dicht bij elkaar liggen.
D66 staat in de peiling op ongeveer 8,7 procent. Daarna volgen het CDA met ongeveer 8,6 procent en de combinatie ChristenUnie-SGP met rond de 7,3 procent.
Deze partijen hebben vaak een sterk regionaal karakter. Vooral in bepaalde provincies kunnen ze verrassend goed scoren.
Het CDA heeft bijvoorbeeld in veel dorpen en kleinere gemeenten nog altijd een stevige achterban. ChristenUnie en SGP doen het juist goed in gebieden waar religie en gemeenschap een belangrijke rol spelen.
Dat zorgt ervoor dat hun prestaties lokaal sterk kunnen verschillen.
Partijen rechts van de VVD
Opvallend in de peiling is dat partijen rechts van de VVD relatief klein blijven bij gemeenteraadsverkiezingen.
Forum voor Democratie lijkt wel iets te herstellen ten opzichte van 2022. Toen haalde de partij ongeveer 1,1 procent, terwijl de nieuwe peiling uitkomt op zo’n 3,8 procent.
Dat is een duidelijke stijging, maar nog geen grote doorbraak.
Andere partijen zoals PVV, JA21 en BBB doen in veel gemeenten niet mee aan de verkiezingen. Daardoor blijft het totale blok rechts van de VVD in deze peiling rond de zeven procent hangen.
In landelijke verkiezingen ligt dat percentage vaak veel hoger.
Wanneer deze partijen lokaal ontbreken, kiezen sommige kiezers voor een lokale lijst die qua standpunten het dichtst in de buurt komt.
Opkomst blijft een aandachtspunt
Een belangrijk punt van zorg bij gemeenteraadsverkiezingen blijft de opkomst.
Bij de vorige verkiezingen in 2022 ging ongeveer 51 procent van de kiesgerechtigden stemmen. Dat was een historisch laag niveau.
Onderzoekers verwachten dat de opkomst ook dit jaar mogelijk weer laag kan uitvallen.
Daar zijn verschillende redenen voor. Sommige mensen voelen zich minder betrokken bij lokale politiek. Anderen hebben het gevoel dat hun stem weinig verschil maakt.
Daarnaast spelen praktische factoren een rol, zoals drukke agenda’s of simpelweg minder aandacht voor gemeentelijke verkiezingen in de media.
Toch hebben gemeenten grote invloed op het dagelijks leven van inwoners. Besluiten over woningbouw, veiligheid, voorzieningen voor jongeren en infrastructuur worden vaak lokaal genomen.
Juist daarom benadrukken veel politieke partijen het belang van stemmen.
Profiel van kiezers van lokale partijen
Het onderzoek laat ook zien wie relatief vaak op lokale partijen stemmen.
Deze kiezers zijn gemiddeld iets ouder dan de doorsnee kiezer. Daarnaast wonen zij vaker in de zuidelijke provincies van Nederland.
Ook blijkt dat mannen iets vaker op lokale partijen stemmen dan vrouwen.
Veel van deze kiezers hechten waarde aan onderwerpen zoals veiligheid, leefbaarheid in de buurt en goede zorgvoorzieningen.
Lokale partijen spelen hier vaak slim op in door campagnes te voeren die dicht bij de dagelijkse werkelijkheid van inwoners staan.
Grote groep twijfelaars kan nog beslissen
Een opvallend detail uit de peiling is dat ongeveer 26 procent van de kiezers nog niet weet op welke partij ze gaan stemmen.
Dat betekent dat ruim een kwart van de kiezers nog kan veranderen van mening.
In de laatste dagen voor de verkiezingen kunnen gebeurtenissen daarom veel invloed hebben. Denk aan lokale debatten, nieuwsberichten of opvallende uitspraken van kandidaten.
Vooral onderwerpen zoals veiligheid en woningbouw blijken belangrijk voor twijfelende kiezers.
Partijen die daar duidelijke plannen voor presenteren, kunnen in de laatste fase nog veel stemmen winnen.
Coalities na de verkiezingen
Als de peiling enigszins klopt, zullen lokale partijen in veel gemeenten een belangrijke rol spelen bij het vormen van coalities.
Dat kan leiden tot uiteenlopende samenwerkingen tussen verschillende partijen.
In de lokale politiek draait het vaak minder om ideologische verschillen en meer om praktische oplossingen voor gemeentelijke problemen.
Daarom ontstaan er regelmatig coalities die op landelijk niveau misschien onverwacht lijken.
In grotere steden kunnen GroenLinks en PvdA bijvoorbeeld samen met andere progressieve partijen besturen. In kleinere gemeenten kunnen lokale partijen juist samenwerken met landelijke partijen zoals VVD of CDA.
Verkiezingen blijven momentopname
Hoewel peilingen een beeld geven van de politieke verhoudingen, blijft het altijd een momentopname.
Lokale kandidaten, campagnes en gebeurtenissen kunnen in korte tijd grote invloed hebben op het stemgedrag van kiezers.
In een kleine gemeente kan één populaire kandidaat bijvoorbeeld een groot verschil maken.
Daarom kan de uiteindelijke uitslag op 18 maart nog flink afwijken van de huidige verwachtingen.
Wat telt voor kiezers in het stemhokje
Voor veel inwoners draait de keuze uiteindelijk om praktische vragen.
Welke partij heeft concrete plannen voor nieuwe woningen? Wie zorgt voor veilige straten? Welke ideeën zijn er voor betere voorzieningen in de buurt?
Kiezers kijken steeds vaker naar wat partijen daadwerkelijk hebben bereikt in hun gemeente.
Niet alleen beloftes, maar ook resultaten uit het verleden spelen een rol bij de uiteindelijke keuze.
Op 18 maart wordt duidelijk hoe Nederland lokaal kiest. Eén ding lijkt nu al zeker: de strijd om de gemeenteraad wordt spannender dan ooit.





