Jarenlang leek hondenziekte in Nederland vrijwel verleden tijd. Dankzij vaccinaties kwam het virus nog maar zelden voor en veel hondeneigenaren hadden er nauwelijks ooit van gehoord. Toch slaan dierenartsen nu opnieuw alarm. In de omgeving van Utrecht en Nijmegen zijn weer meerdere besmettingen vastgesteld, waardoor de zorgen toenemen.

Volgens dierenartsen is het virus bijzonder besmettelijk en kan een hond al besmet raken door kort contact met een plek waar een zieke hond is geweest. Vooral baasjes van jonge, niet of onvoldoende gevaccineerde honden wordt aangeraden extra alert te zijn. Eén onschuldige wandeling of een korte snuffel kan in sommige gevallen al voldoende zijn om besmet te raken.
Mis geen artikelen! Volg TrendyVandaag in Google →
Hondenziekte duikt weer op
Dat hondenziekte opnieuw wordt vastgesteld, baart dierenartsen zorgen. De ziekte kwam de afgelopen jaren nauwelijks nog voor in Nederland, maar recent zijn in de regio’s Utrecht en Nijmegen opnieuw besmette honden aangetroffen.
Volgens dierenarts Eva Vaillant van Dierenkliniek Koningspark in Soest is het belangrijk dat hondeneigenaren de situatie serieus nemen. Zij noemt hondenziekte een gevaarlijk virus dat zich gemakkelijk verspreidt en grote gevolgen kan hebben voor besmette dieren.
Hoewel het aantal gevallen nog beperkt is, zien deskundigen de terugkeer van het virus als een duidelijke waarschuwing.
Wat is hondenziekte?
Hondenziekte is een besmettelijke virusinfectie die honden ernstig ziek kan maken. Het virus tast verschillende delen van het lichaam aan, waaronder de luchtwegen, het maag-darmkanaal en uiteindelijk ook het zenuwstelsel.
Vooral jonge honden en dieren die niet volledig gevaccineerd zijn, lopen een groter risico op een ernstig ziekteverloop. Bij goed gevaccineerde honden is de kans op besmetting of ernstige klachten aanzienlijk kleiner.
Het virus staat internationaal bekend als canine distemper en wordt al tientallen jaren beschouwd als een van de gevaarlijkste virusziekten bij honden.
Besmetting gaat razendsnel
Juist de manier waarop hondenziekte zich verspreidt, maakt het virus zo verraderlijk.
Een besmette hond verspreidt virusdeeltjes via speeksel, neusuitvloeiing, urine en andere lichaamsvloeistoffen. Andere honden kunnen vervolgens besmet raken door direct contact, maar ook via voorwerpen of plekken waar een besmet dier kort daarvoor is geweest.
Volgens dierenartsen kan zelfs een korte snuffel aan een besmette plek voldoende zijn om het virus over te dragen. Denk bijvoorbeeld aan grasvelden, hondenuitlaatplaatsen, drinkbakken of plekken waar veel honden samenkomen.
Daardoor kan het virus zich relatief snel verspreiden wanneer meerdere honden dezelfde locaties bezoeken.
Welke klachten ontstaan?
De eerste symptomen van hondenziekte lijken vaak op een gewone verkoudheid of griep.
Veel honden krijgen koorts, worden sloom en eten minder goed. Daarnaast kunnen hoesten, niezen en een loopneus optreden. Ook ontstoken ogen en waterige of etterige ooguitvloeiing komen regelmatig voor.
Wanneer de ziekte verder voortschrijdt, kunnen ook braken en diarree ontstaan. In ernstige gevallen raakt het zenuwstelsel aangetast.
Dan kunnen honden last krijgen van spiertrillingen, evenwichtsproblemen, toevallen of verlammingsverschijnselen. Juist deze neurologische klachten maken hondenziekte zo gevaarlijk.
Niet iedere hond overleeft
Het verloop van de ziekte verschilt sterk per hond.
Sommige dieren herstellen volledig, terwijl andere ernstig ziek worden. Vooral jonge pups, oudere honden en dieren met een verminderde weerstand lopen een groter risico op complicaties.
Voor hondenziekte bestaat geen medicijn dat het virus direct bestrijdt. Dierenartsen kunnen alleen ondersteunende behandelingen geven, zoals vochttoediening, ontstekingsremmers of medicijnen tegen bijkomende infecties.
Daardoor blijft preventie de belangrijkste manier om honden te beschermen.
Vaccinatie blijft belangrijkste bescherming
Volgens dierenartsen is vaccineren nog altijd de meest effectieve manier om hondenziekte te voorkomen.
In Nederland worden pups standaard gevaccineerd tegen verschillende ernstige virusziekten, waaronder hondenziekte. Daarna volgen meestal periodieke hervaccinaties om de bescherming op peil te houden.
Juist doordat jarenlang veel honden werden gevaccineerd, kwam het virus nauwelijks nog voor.
Wanneer minder honden worden ingeënt, krijgt het virus echter opnieuw de kans om zich te verspreiden. Dierenartsen benadrukken daarom dat vaccinaties niet alleen individuele honden beschermen, maar ook bijdragen aan de bescherming van de gehele hondenpopulatie.
Waarom het virus terugkeert
Hoe het precies komt dat hondenziekte opnieuw opduikt, is nog niet volledig duidelijk.
Deskundigen wijzen erop dat internationale reizen met honden, import van buitenlandse pups en verschillen in vaccinatiegraad mogelijk een rol spelen.
Ook wilde dieren zoals vossen kunnen het virus bij zich dragen en verspreiden. Daardoor blijft hondenziekte aanwezig in de natuur, zelfs wanneer besmettingen bij huishonden jarenlang nauwelijks voorkomen.
Wanneer vervolgens voldoende kwetsbare honden aanwezig zijn, kan het virus opnieuw opduiken.
Extra opletten tijdens wandelingen
Nu de eerste besmettingen zijn vastgesteld, adviseren dierenartsen baasjes om tijdelijk extra alert te zijn.
Laat jonge pups die hun vaccinaties nog niet volledig hebben gehad liever niet spelen met onbekende honden. Vermijd daarnaast plekken waar zieke honden zijn geweest of waar opvallend veel honden samenkomen wanneer daar besmettingen bekend zijn.
Ook honden die plotseling ziek worden na contact met andere honden of drukbezochte uitlaatgebieden, kunnen beter snel door een dierenarts worden onderzocht.
Hoe eerder een mogelijke besmetting wordt herkend, hoe sneller maatregelen kunnen worden genomen om verdere verspreiding te beperken.
Wanneer naar de dierenarts?
Niet iedere hoestende of niesende hond heeft automatisch hondenziekte.
Toch adviseren dierenartsen om niet te lang af te wachten wanneer meerdere klachten tegelijk optreden. Vooral koorts, sloomheid, verminderde eetlust, oogontstekingen en ademhalingsproblemen kunnen aanleiding zijn om contact op te nemen.
Wanneer daarnaast ook neurologische verschijnselen ontstaan, zoals spiertrillingen of toevallen, is snelle medische hulp extra belangrijk.
De dierenarts kan beoordelen of verder onderzoek nodig is en adviseren hoe verdere verspreiding kan worden voorkomen.
Rust bewaren, maar alert blijven
Hoewel de recente besmettingen veel aandacht krijgen, benadrukken dierenartsen dat paniek niet nodig is.
Het gaat op dit moment om een beperkt aantal gevallen en veel honden zijn dankzij vaccinaties nog altijd goed beschermd. Toch laat de terugkeer van het virus zien dat hondenziekte zeker niet volledig uit Nederland is verdwenen.
Juist daarom is het belangrijk dat hondeneigenaren alert blijven op klachten en controleren of de vaccinaties van hun hond nog actueel zijn.
Belang van goede bescherming
De terugkeer van hondenziekte in de regio Utrecht en Nijmegen is een duidelijke herinnering dat sommige dierziekten nooit helemaal verdwijnen. Dankzij vaccinaties komen ernstige uitbraken tegenwoordig veel minder vaak voor, maar zodra het virus opnieuw opduikt, kan het zich snel verspreiden onder kwetsbare honden.
Voor baasjes is de belangrijkste boodschap daarom eenvoudig: zorg dat de vaccinaties op orde zijn, let goed op veranderingen in het gedrag of de gezondheid van de hond en neem bij twijfel contact op met een dierenarts.
Daarmee wordt niet alleen de eigen hond beschermd, maar helpt iedere eigenaar ook mee om verdere verspreiding van dit besmettelijke virus zoveel mogelijk te voorkomen.











