Een hond die af en toe aanslaat wanneer de deurbel gaat, zal weinig mensen verbazen. Maar wanneer het geblaf uren doorgaat en buren er structureel last van hebben, kan de situatie behoorlijk uit de hand lopen.

In Rotterdam leidde aanhoudende overlast door blaffende honden zelfs tot een opvallend voorstel: baasjes van honden die ondanks herhaalde klachten bleven blaffen, konden een boete van 130 euro krijgen.
Het voorstel kwam jaren geleden op tafel nadat verschillende Rotterdamse deelgemeenten aandacht hadden gevraagd voor het probleem. Volgens de gemeente konden voortdurend blaffende honden voor flinke irritatie in woonwijken zorgen. In ernstige gevallen liep de spanning tussen buren daardoor zo hoog op dat er complete burenruzies ontstonden.
Opvallend is vooral hoe ver de maatregel volgens het toenmalige voorstel kon gaan. Het bleef namelijk niet noodzakelijk bij een geldboete. Wanneer een opgelegde boete niet werd betaald, kon uiteindelijk zelfs inbeslagname van de hond aan de orde komen.
Mis geen artikelen! Volg TrendyVandaag in Google →
Boete voor blaffende hond
Het Rotterdamse college wilde destijds duidelijker kunnen optreden tegen baasjes van honden die langdurig voor geluidsoverlast zorgden. Daarvoor werd een bedrag van 130 euro genoemd. Het ging nadrukkelijk niet om een hond die een paar keer blaft, maar om situaties waarin sprake was van aanhoudende overlast en er herhaaldelijk klachten waren binnengekomen.
Dat onderscheid is belangrijk. Blaffen hoort nu eenmaal bij normaal hondengedrag. Een hond kan reageren op voorbijgangers, andere dieren, geluiden in het trappenhuis of iemand die aanbelt. Het voorstel richtte zich juist op de uitzonderlijke gevallen waarin het geblaf structureel werd en omwonenden daar veel hinder van ondervonden.
Volgens het Rotterdamse college kwamen zulke ernstige situaties overigens maar enkele keren per jaar voor. Toch vond het stadsbestuur het belangrijk om een duidelijke mogelijkheid te hebben om in te grijpen als andere oplossingen niet werkten.
Burenruzies door geluidsoverlast
Geluidsoverlast is een bekende bron van spanningen tussen buren. Muziek, verbouwingen en feestjes kunnen irritatie veroorzaken, maar ook huisdieren kunnen een rol spelen. Vooral wanneer een hond langdurig alleen thuis zit en blijft blaffen, kan dat voor directe omwonenden bijzonder vervelend worden.
Wie naast of onder een woning woont waar een hond lange tijd blaft, hoort dat soms door muren en vloeren heen. Zeker in appartementencomplexen of dichtbebouwde woonwijken kan geluid gemakkelijk doordringen naar andere woningen.
Daarbij speelt mee dat het probleem zich regelmatig herhaalt. Een feestje duurt meestal één avond, terwijl een hond iedere werkdag uren alleen thuis kan zijn. Daardoor kan een relatief klein probleem na verloop van tijd uitgroeien tot een serieus conflict tussen buren.
Rotterdam wilde destijds voorkomen dat zulke situaties eindeloos bleven voortduren zonder dat er gericht kon worden opgetreden.
Niet direct een boete
Een belangrijk detail uit het Rotterdamse voorstel was dat een eigenaar niet meteen een boete van 130 euro zou krijgen zodra een buurman of buurvrouw klaagde. Er moest sprake zijn van aanhoudende overlast en herhaalde klachten.
Daarmee werd geprobeerd onderscheid te maken tussen normale leefgeluiden en ernstige hinder. Vrijwel iedere hond blaft immers weleens. Alleen al daarom zou een algemeen verbod op ieder blafgeluid in de praktijk moeilijk uitvoerbaar zijn.
Het ging vooral om situaties waarin het probleem bleef bestaan en de eigenaar kennelijk onvoldoende maatregelen nam om de overlast te beperken.
Voor hondenbezitters betekende dat in de praktijk dat één korte blafpartij niet direct reden was voor paniek. De maatregel was bedoeld als instrument voor uitzonderlijke situaties waarin de overlast structureel werd.
Hond mogelijk in beslag genomen
Het meest opvallende onderdeel van het toenmalige Rotterdamse plan was misschien wel de mogelijke vervolgstap wanneer een boete niet werd betaald. Volgens Rijnmond kon een hond uiteindelijk in beslag worden genomen als de eigenaar de opgelegde boete niet voldeed.
Dat klinkt als een bijzonder zware consequentie voor geluidsoverlast. Toch wilde het stadsbestuur kennelijk voldoende mogelijkheden hebben om daadwerkelijk op te treden wanneer een eigenaar waarschuwingen en sancties bleef negeren.
Voor veel hondenbezitters zal juist zo’n mogelijke inbeslagname veel zwaarder wegen dan een geldbedrag. Een huisdier is voor veel mensen immers onderdeel van het gezin.
Daarmee kreeg het voorstel destijds behoorlijk wat aandacht. Het ging niet alleen om de vraag hoeveel geluid een hond mag maken, maar ook om de vraag hoe ver een gemeente mag gaan bij het bestrijden van overlast.
APV moest worden aangepast
Om de boete mogelijk te maken, moest Rotterdam destijds de Algemene Plaatselijke Verordening aanpassen. De APV bevat lokale regels waarmee een gemeente onder andere overlast en de openbare orde kan regelen.
Het Rotterdamse college kon de maatregel daarom niet simpelweg zelfstandig invoeren. De gemeenteraad moest eerst akkoord gaan met de voorgestelde aanpassing.
Op het moment dat Rijnmond hierover berichtte, moest die stemming nog plaatsvinden. Het oorspronkelijke nieuwsbericht dateert van juni 2013. Dat is belangrijk om erbij te vermelden, omdat het dus niet gaat om een nieuwe maatregel die in 2026 plotseling is aangekondigd.
Het verhaal laat wel zien dat discussies over geluidsoverlast door huisdieren al veel langer spelen.
Rotterdam had eerder blafverbod
Opvallend genoeg was een regeling tegen langdurig blaffen destijds niet helemaal nieuw voor Rotterdam. De stad kende volgens Rijnmond jarenlang al een zogenoemd blafverbod.
Dat veranderde nadat de Rotterdamse APV per januari werd vervangen. In de nieuwe regeling was het specifieke blafverbod verdwenen. Daardoor ontstond volgens het stadsbestuur opnieuw behoefte aan een lokale bepaling waarmee tegen ernstige overlast kon worden opgetreden.
Het college wilde de mogelijkheid daarom terugbrengen in de gemeentelijke regels.
Dat verklaart ook waarom het onderwerp relatief snel weer op de politieke agenda terechtkwam. Rotterdam begon niet volledig vanaf nul, maar wilde feitelijk opnieuw een instrument krijgen dat eerder al beschikbaar was geweest.
GroenLinks vond verbod overbodig
Niet iedereen was enthousiast over het plan. GroenLinks in Rotterdam vond een apart blafverbod destijds niet noodzakelijk.
Volgens de partij waren er al voldoende andere regels beschikbaar om op te treden tegen honden en eigenaren die ernstige overlast veroorzaakten. Vanuit die gedachte zou een extra bepaling in de APV weinig toevoegen.
Daarmee ontstond een interessante discussie. Aan de ene kant wilde het college een specifieke regel waarmee duidelijk tegen aanhoudend hondengeblaf kon worden opgetreden. Aan de andere kant was er de vraag of bestaande regels daarvoor niet al voldoende waren.
Daar kwam nog bij dat het stadsbestuur zelf aangaf dat ernstige overlast door honden slechts enkele keren per jaar voorkwam. Tegenstanders konden daardoor vraagtekens zetten bij de noodzaak van een aparte regeling.
Wanneer wordt blaffen overlast?
De discussie raakt aan een probleem waar veel buren mee te maken kunnen krijgen: wanneer verandert normaal geluid eigenlijk in overlast?
Een hond volledig stilhouden is vanzelfsprekend niet realistisch. Honden communiceren onder andere door te blaffen en kunnen reageren op prikkels uit hun omgeving. Een incidenteel blaffende hond hoort daarom simpelweg bij het wonen in een omgeving waar mensen huisdieren hebben.
De situatie verandert wanneer het geluid langdurig, regelmatig en zeer hinderlijk wordt. Denk bijvoorbeeld aan een hond die vrijwel iedere dag lange tijd blaft zodra de eigenaar vertrekt.
Juist dat soort gevallen zijn ingewikkeld. Voor de eigenaar kan het probleem zelfs grotendeels onzichtbaar zijn. Wie zelf niet thuis is wanneer de hond blaft, merkt mogelijk niet hoeveel geluid het dier produceert.
Een gesprek tussen buren kan daarom vaak een belangrijke eerste stap zijn. Soms weet een eigenaar simpelweg niet dat zijn hond gedurende zijn afwezigheid langdurig onrustig is.
Waarom honden langdurig blaffen
Aanhoudend blaffen kan verschillende oorzaken hebben. Een hond kan bijvoorbeeld reageren op geluiden buiten de woning, andere honden of mensen die voorbijlopen. Ook verveling en onvoldoende beweging kunnen een rol spelen.
Daarnaast kunnen sommige honden moeite hebben met alleen zijn. Zodra de eigenaar vertrekt, raakt het dier onrustig en begint het te blaffen of janken. Voor omwonenden klinkt dat als geluidsoverlast, terwijl er bij het dier mogelijk sprake is van een gedragsprobleem dat aandacht nodig heeft.
Dat maakt de oplossing soms ingewikkelder dan simpelweg tegen een hond zeggen dat hij stil moet zijn. Een eigenaar kan bijvoorbeeld moeten kijken naar training, voldoende beweging, de inrichting van de woning of begeleiding bij problemen rond alleen thuis blijven.
Door de oorzaak aan te pakken kan niet alleen de rust voor omwonenden terugkeren, maar kan ook de situatie voor de hond verbeteren.
Oud nieuws duikt opnieuw op
Het bedrag van 130 euro kan tegenwoordig opnieuw opvallend klinken wanneer het oude bericht via sociale media wordt gedeeld. Daarbij is de oorspronkelijke publicatiedatum echter essentieel.
Het bericht van Rijnmond verscheen op 7 juni 2013 en werd later aangepast. De genoemde boete was onderdeel van een Rotterdams voorstel uit die periode. Het artikel moet daarom niet worden gelezen alsof Rotterdam in 2026 zojuist een nieuwe boete van 130 euro voor blaffende honden heeft aangekondigd.
Wel blijft het achterliggende onderwerp herkenbaar. Hondenoverlast, burenruzies en de vraag hoeveel geluid bewoners van elkaar moeten accepteren zijn onderwerpen die in dichtbevolkte steden regelmatig terugkomen.
Voor hondenbezitters is de belangrijkste les dan ook tijdloos: wanneer een hond structureel veel geluid maakt, is het verstandig om daar serieus naar te kijken. Niet alleen om mogelijke problemen met buren of gemeente te voorkomen, maar ook omdat langdurig blaffen erop kan wijzen dat een hond zich niet prettig voelt.
Een paar keer blaffen wanneer de postbezorger voor de deur staat is één ding. Urenlang geblaf dat dagelijks door de muren klinkt, is iets heel anders. Precies dat verschil stond centraal in het opvallende Rotterdamse voorstel waarbij een boete van 130 euro zelfs gevolgd kon worden door verder ingrijpen.











