David (35) uit Utrecht werkt fulltime in de logistiek. Veertig uur per week sjouwt hij pakketten, laadt vrachtwagens in en zorgt ervoor dat bestellingen op tijd vertrekken.
Geen kantoorbaan met een laptop en een kopje cappuccino, maar fysiek zwaar werk. Toch voelt het alsof hij er financieel niets mee opschiet.
“Elke maand kijk ik naar mijn bankrekening en denk ik: waarvoor doe ik dit eigenlijk?”, zegt hij gefrustreerd. “Ik werk me kapot, maar als ik naar mijn saldo kijk, lijkt het alsof ik amper vooruitkom.”
Van salarisstrook naar teleurstelling
Op papier lijkt het allemaal redelijk. David verdient zo’n €2.200 netto per maand. Niet slecht, zou je denken. Maar dan begint de ellende pas.
“Mijn huur is €1.100, de energierekening blijft maar stijgen, en dan heb ik nog verzekeringen, boodschappen en een auto om op mijn werk te komen.”
Aan het eind van de maand houdt hij nauwelijks iets over. “Soms moet ik zelfs naar mijn spaarrekening grijpen voor simpele dingen, zoals een kapotte wasmachine. Dat voelt gewoon oneerlijk.”
Wat hem écht frustreert, is dat hij mensen kent die niet werken en er financieel beter voor staan. “Een vriend van mij zit in de bijstand.
Hij krijgt zijn huur deels vergoed, heeft recht op allerlei toeslagen en betaalt amper zorgkosten. Hij hoeft zich niet druk te maken over onverwachte rekeningen, terwijl ik met klamme handen mijn rekening check. Hoe kan dat eerlijk zijn?”
Hij vervolgt: “Laatst rekenden we samen uit hoeveel hij effectief per maand overhoudt. Als je alle toeslagen meetelt, komt hij bijna net zo hoog uit als ik. Maar hij hoeft er niet voor om zes uur ‘s ochtends zijn bed voor uit. Dat voelt wrang.”
Werk zou moeten lonen, toch?
David is niet de enige die zich dit afvraagt. Veel werkenden in Nederland voelen zich in de steek gelaten. Ze horen overal dat ‘werken moet lonen’, maar in de praktijk voelt het anders.
“Ik snap best dat er een sociaal vangnet moet zijn, maar als ik zie hoe hard ik moet werken om nét rond te komen, en hoe makkelijk anderen het hebben zonder te werken, dan doet dat pijn.”
Hij merkt dat hij steeds vaker nadenkt over zijn opties. “Soms denk ik: zou ik niet beter af zijn als ik stop met werken?
Gewoon een paar jaar de bijstand in, toeslagen pakken, huurtoeslag regelen en lekker rustig aan doen? Maar ja, ik heb altijd geleerd dat werken goed is, dat je niet moet teren op de maatschappij. Alleen, als de maatschappij je niet beloont voor je inzet, hoe lang houd je dat vol?”
Zijn ouders gaven hem altijd het idee mee dat hard werken loont. “Mijn vader zei altijd: ‘Als je hard werkt, krijg je het goed.’ Maar die vlieger gaat tegenwoordig niet meer op. Ik werk hard en ik krijg het nÃet goed. Ik moet schipperen met mijn geld, terwijl mensen zonder baan soms een ruimere financiële buffer hebben.”
Kosten blijven stijgen, lonen blijven achter
Een groot probleem volgens David is dat alles duurder wordt, terwijl de lonen nauwelijks stijgen. “Mijn energierekening is in een jaar tijd bijna verdubbeld.
Boodschappen? Een pak melk kost tegenwoordig €1,50. Maar mijn loon? Daar komt nauwelijks iets bij.” Ondertussen worden toeslagen en subsidies alleen maar uitgebreid, maar vooral voor mensen die niet werken of weinig verdienen.
Hij wijst naar zijn zorgverzekering als voorbeeld. “Ik betaal €150 per maand aan zorgpremie en krijg niets terug. Mijn vriend in de bijstand betaalt bijna niks, want hij krijgt zorgtoeslag. Dus ik betaal indirect mee aan zijn zorg, terwijl ik zelf nauwelijks iets vergoed krijg. Dat wringt.”
David zucht en kijkt naar zijn telefoon. “Ik zag laatst een bericht van iemand op social media: ‘Werk loont niet meer, je wordt gestraft voor je inzet.’ Ik kon niet anders dan het ermee eens zijn. Soms voelt het echt zo.”
De rek is eruit
De frustratie groeit, en David is niet de enige. “Ik heb collega’s die overwegen minder te gaan werken, simpelweg omdat ze dan in aanmerking komen voor toeslagen. Hoe ziek is dat? Je wordt eigenlijk gestraft voor hard werken.”
Hij denkt terug aan zijn ouders, die hem vroeger leerden dat je met hard werken alles kon bereiken. “Maar dat gevoel is weg. Werken voelt als strijden tegen de stroom in, terwijl anderen gewoon lekker dobberen en verder komen zonder moeite.”
David praat met zijn vriendin over hun toekomst. “We willen graag een huis kopen, maar met mijn salaris is dat onmogelijk. Ondertussen zie ik anderen die met allerlei regelingen wél een hypotheek krijgen. Ik vraag me echt af: hoe moet ik dit volhouden?”
Hij vervolgt: “Een vriend van mij zei laatst: ‘Je zou dom zijn als je fulltime blijft werken, het loont niet meer.’ Dat raakte me. Want ik wÃl werken. Maar als ik er financieel niet beter van word, waarom zou ik dan zo hard blijven buffelen?”
Toch stoppen met werken? Dat zit niet in zijn aard. “Maar eerlijk? Ik snap waarom mensen het doen. Als je met minder werken meer overhoudt, waarom zou je dan nog fulltime buffelen?”
David haalt diep adem en schudt zijn hoofd. “Ik wil gewoon een normaal leven. Niet rijk, niet arm, gewoon genoeg verdienen om zonder zorgen te leven. Maar met de huidige regels voelt het alsof ik altijd net tekortkom. En dat terwijl ik wél mijn wekker zet om zes uur ’s ochtends.”