Het Nederlandse belasting- en toeslagenstelsel kan de komende jaren behoorlijk veranderen. Vakbonden hebben volgens ingewijden een plan ingebracht waarbij een groot deel van het huidige toeslagenstelsel wordt afgeschaft.

Daar staan andere maatregelen tegenover, zoals een lagere zorgpremie en veranderingen in de inkomstenbelasting. Vooral één percentage springt daarbij direct in het oog: het hoogste belastingtarief zou in het voorstel stijgen naar 56 procent.
Dat klinkt als een enorme verandering en dat zou het ook zijn. Toch is het belangrijk om meteen duidelijk te maken dat de plannen nog niet definitief zijn.
Binnen de Sociaal-Economische Raad wordt gewerkt aan een voorstel, maar volgens de bron is er nog geen volledige overeenstemming. Werkgeversorganisaties zouden onder meer moeite hebben met de belastingverhogingen die de vakbonden op tafel hebben gelegd.
Mis geen artikelen! Volg TrendyVandaag in Google →
Belastingstelsel moet eenvoudiger worden
In Nederland bestaat al langer de wens om het belastingstelsel en vooral het toeslagenstelsel eenvoudiger te maken. Het huidige systeem bestaat uit allerlei regelingen die met elkaar samenhangen. Denk aan inkomstenbelasting, heffingskortingen, zorgtoeslag, kinderopvangtoeslag en andere inkomensafhankelijke tegemoetkomingen.
Het gevolg is dat een verandering in inkomen soms op meerdere plekken tegelijk gevolgen heeft. Wie meer gaat verdienen, betaalt bijvoorbeeld niet alleen meer belasting, maar kan tegelijkertijd bepaalde toeslagen verliezen of te maken krijgen met de afbouw van heffingskortingen.
Juist die stapeling maakt het systeem ingewikkeld. Het is voor huishoudens niet altijd eenvoudig om vooraf te voorspellen hoeveel ze daadwerkelijk overhouden wanneer hun inkomen verandert.
De plannen waar nu over wordt gesproken, moeten daar verandering in brengen. In plaats van het huidige systeem telkens op afzonderlijke punten aan te passen, wordt gekeken naar een veel bredere hervorming.
Zorgpremie kan flink omlaag
Een van de opvallendste onderdelen van het voorstel heeft betrekking op de zorgpremie. Volgens de bron willen de vakbonden de zorgpremies verlagen en tegelijkertijd de zorgtoeslag afschaffen.
Dat zou voor Nederlanders direct zichtbaar zijn op de maandelijkse rekening. Nu betalen verzekerden iedere maand premie aan hun zorgverzekeraar. Huishoudens met een lager inkomen kunnen vervolgens, afhankelijk van hun situatie, zorgtoeslag ontvangen.
In het besproken model zou die constructie veranderen. De maandelijkse zorgpremie zou lager worden, terwijl de aparte zorgtoeslag verdwijnt. Dat betekent echter niet dat de kosten van de zorg ineens verdwijnen. De financiering moet dan op een andere manier worden geregeld.
Daarmee hangt de voorgestelde verandering van de inkomstenbelasting samen. Het plan moet daarom als één pakket worden bekeken en niet als een verzameling losse maatregelen.
Hoogste belastingtarief naar 56 procent
Het onderdeel dat waarschijnlijk de meeste aandacht trekt, is het voorgestelde hoogste belastingtarief. In het plan van de vakbonden stijgt dat tarief volgens de bron naar 56 procent.
Dat betekent nadrukkelijk niet dat iedere Nederlander straks 56 procent inkomstenbelasting gaat betalen. Het gaat om het hoogste tarief binnen een nieuw voorgesteld stelsel. Bovendien is het plan nog onderwerp van overleg en is er geen definitief besluit genomen.
Daar komt bij dat tegelijkertijd andere onderdelen van de inkomstenbelasting zouden veranderen. Zo worden volgens het voorstel de arbeidskorting en algemene heffingskorting voor hogere inkomens niet langer afgebouwd.
Op dit moment gebeurt dat nog wel. Daardoor kan iemand die meer gaat werken niet alleen meer inkomstenbelasting betalen, maar tegelijkertijd ook een deel van bepaalde belastingkortingen verliezen.
Dat maakt het verschil tussen bruto en netto soms groter dan mensen op basis van alleen het officiële belastingtarief zouden verwachten.
Meer werken moet aantrekkelijker worden
De voorgestelde aanpassing van de heffingskortingen is daarom een belangrijk onderdeel van het plan. Het probleem zit namelijk niet uitsluitend in de hoogte van de belastingtarieven.
Wie meer uren gaat werken, krijgt een hoger bruto inkomen. Maar vervolgens kunnen toeslagen afnemen en belastingkortingen worden afgebouwd. Daardoor kan van iedere extra verdiende euro relatief weinig overblijven.
Volgens de bron speelt precies dat probleem mee in de plannen. De arbeidskorting en algemene heffingskorting zouden voor hogere inkomens niet langer worden afgebouwd, waardoor de manier waarop extra inkomen wordt belast verandert.
Het voorgestelde tarief van 56 procent moet daarom niet volledig los worden gezien van deze andere aanpassingen. Uiteindelijk bepaalt de combinatie van belastingtarieven, kortingen, toeslagen en vaste lasten hoeveel geld iemand daadwerkelijk overhoudt.
Werkgevers hebben nog bezwaren
Wie denkt dat de plannen al bijna definitief zijn, loopt te ver vooruit. Binnen de Sociaal-Economische Raad wordt weliswaar gewerkt aan een voorstel, maar volgens de bron wordt tegengesproken dat er al volledige consensus bestaat.
Ondernemersorganisaties zouden het namelijk niet eens zijn met de belastingverhogingen die de vakbonden hebben voorgesteld.
Dat is een belangrijk verschil. De discussie bevindt zich nog in de fase waarin werkgevers, werknemers en andere betrokkenen proberen tot een gezamenlijk advies te komen.
De SER is een belangrijk adviesorgaan van de regering en bestaat onder andere uit vertegenwoordigers van vakbonden, werkgeversorganisaties en zogenoemde Kroonleden. De organisatie kan adviseren over een nieuwe inrichting van het stelsel, maar voert zelf geen nieuwe belastingtarieven in.
Daarvoor is uiteindelijk politieke besluitvorming nodig. Ook wanneer de verschillende partijen binnen de SER tot een gezamenlijk advies komen, betekent dat dus nog niet automatisch dat alle voorstellen daadwerkelijk worden ingevoerd.
Toeslagen moeten grotendeels verdwijnen
De kern van de discussie gaat veel verder dan alleen een hoger belastingtarief. Het uiteindelijke doel is volgens de bron om het huidige toeslagenstelsel grotendeels af te schaffen.
Dat is een onderwerp dat al jarenlang speelt. De Tweede Kamer wil volgens de bron al sinds 2019 van het huidige toeslagenstelsel af. De toeslagenaffaire heeft de discussie daarover extra urgent gemaakt.
Toch is het volledig afschaffen van toeslagen bijzonder ingewikkeld. Miljoenen huishoudens zijn voor een deel van hun maandelijkse uitgaven afhankelijk van financiële tegemoetkomingen.
Een toeslag kan daarom niet zomaar verdwijnen zonder dat tegelijkertijd wordt gekeken naar belastingen, lonen of de kosten waarvoor de tegemoetkoming oorspronkelijk bedoeld was.
Het plan met een lagere zorgpremie laat zien hoe dat zou kunnen werken. In plaats van eerst een relatief hoge premie te betalen en vervolgens onder voorwaarden zorgtoeslag te ontvangen, zou de premie zelf kunnen worden verlaagd.
Kinderopvang verandert vanaf 2029
Bij de kinderopvang staat al een grote verandering gepland. Volgens de bron wordt de kinderopvangtoeslag vanaf 2029 beëindigd. De kinderopvang moet vervolgens ‘bijna gratis’ worden.
Daarmee is al zichtbaar hoe de overheid bepaalde toeslagen op termijn kan vervangen door een ander systeem. In plaats van ouders eerst de rekening te laten betalen en vervolgens via een toeslag een deel terug te geven, wordt gezocht naar een directere financieringsvorm.
De bredere belastingherziening zou een vergelijkbare gedachte kunnen volgen. Niet telkens geld innen en vervolgens via verschillende regelingen teruggeven, maar bepaalde kosten of belastingen direct anders vormgeven.
Op papier klinkt dat eenvoudiger. In de praktijk is het een enorme operatie, omdat vrijwel iedere verandering winnaars en verliezers kan opleveren.
Gevolgen verschillen per huishouden
Voor Nederlanders is uiteindelijk vooral belangrijk wat de plannen voor hun eigen portemonnee betekenen. Daar is op dit moment nog geen simpel antwoord op te geven.
Een huishouden dat nu zorgtoeslag ontvangt, kan bijvoorbeeld te maken krijgen met het verdwijnen daarvan. Daar staat in het voorstel een lagere zorgpremie tegenover. Hoe dat onderaan de streep uitpakt, hangt af van de precieze bedragen.
Voor hogere inkomens speelt weer iets anders. Zij kunnen te maken krijgen met het voorgestelde hoogste belastingtarief van 56 procent, terwijl tegelijkertijd de afbouw van bepaalde heffingskortingen verdwijnt.
Ook het aantal gewerkte uren, de hoogte van het inkomen en de gezinssituatie kunnen invloed hebben op het uiteindelijke resultaat.
Het is daarom te vroeg om op basis van alleen het percentage van 56 procent te concluderen hoeveel iemand straks meer of minder gaat betalen.
Plan kan miljoenen mensen raken
Mocht uiteindelijk daadwerkelijk worden gekozen voor een grotendeels nieuw belasting- en toeslagenstelsel, dan gaat het om veel meer dan een technische belastingwijziging.
De manier waarop huishoudens hun zorg betalen, belastingkortingen ontvangen en financiële ondersteuning krijgen, kan dan fundamenteel veranderen.
Juist daardoor is de discussie zo groot. Het gaat niet alleen over mensen met zeer hoge inkomens of huishoudens die momenteel veel toeslagen ontvangen. Een aanpassing van de inkomstenbelasting en zorgpremie kan veel breder merkbaar worden.
Tegelijkertijd staat nog lang niet vast dat het voorstel in deze vorm wordt ingevoerd. De bezwaren van ondernemersorganisaties laten zien dat er nog discussie bestaat over de verdeling van de rekening.
Politiek krijgt uiteindelijk het laatste woord
De komende periode moet duidelijker worden hoe het voorstel van de SER er uiteindelijk uit gaat zien. Daarna zal de politiek zich over mogelijke veranderingen moeten buigen.
Daarbij zullen waarschijnlijk vooral de koopkrachteffecten veel aandacht krijgen. Een eenvoudiger systeem klinkt aantrekkelijk, maar huishoudens zullen vooral willen weten wat er iedere maand daadwerkelijk op hun rekening binnenkomt en wat er weer vanaf gaat.
Een hogere belasting aan de ene kant kan immers worden gecombineerd met lagere lasten aan de andere kant. Andersom kan het verdwijnen van een toeslag voor bepaalde huishoudens juist grote gevolgen hebben wanneer daar onvoldoende compensatie tegenover staat.
Wat nu op tafel ligt, is in ieder geval ambitieus. Een lagere zorgpremie, het verdwijnen van de zorgtoeslag, andere regels rond heffingskortingen en een hoogste belastingtarief van 56 procent zouden samen een forse hervorming betekenen. Die onderdelen staan volgens de bron in het plan dat de vakbonden hebben ingebracht.
Voorlopig verandert er door deze voorstellen nog niets aan de belastingaangifte of maandelijkse zorgpremie. Maar als werkgevers, vakbonden en uiteindelijk de politiek tot overeenstemming komen over een nieuwe inrichting, kan het Nederlandse belasting- en toeslagenstelsel er in de toekomst behoorlijk anders uitzien.











